Feedbackgeletterdheid: feedback verwerken moet je leren!

Door: Martijn Leenknecht (HZ University of Applied Sciences)

Al enkele jaren geleden schreef Noortje van Glabbeek in een blog “Studenten die niet geleerd hebben om feedback te verwerken, leren er alleen op goed geluk wat van”. Hiermee bedoelt ze dat je studenten ook moet ondersteunen in het leren van de feedback die ze krijgen. Ook internationaal vindt deze gedachte steeds meer weerklank en David Carless en David Boud (2018) presenteren in hun recente artikel een simpel model over de kenmerken van wat zij noemen feedbackgeletterdheid

We willen allemaal dat feedback die we geven ook wordt opgevolgd. Om dit te bereiken kan je je afvragen welke feedback de gewenste reactie uitlokt of je kunt reflecteren op hoe feedback niet effectief is. Je kan ook kijken vanuit het perspectief van de ontvanger, de student in dit geval, wat hij of zij nodig heeft of moet kunnen om de feedback te gebruiken.

In Engelstalige literatuur wordt wat de student nodig heeft en moet kunnen om feedback te verwerken, aangeduid met de term feedback literacy (ofwel: feedbackgeletterdheid). Sutton (2012) beschrijft het als het vermogen om feedback te ontvangen, interpreteren, en gebruiken om er van te leren. Het gaat dus om een set van vaardigheden en attitude om de leerwaarde van feedback te (h)erkennen en hier vervolgens ook consequenties aan te verbinden. Studenten die feedbackgeletterd zijn, doen proactief suggesties om de feedbackdialoog gaande te houden. Zij vragen om verduidelijking, of verduidelijken hun eigen standpunt op een constructieve manier, waardoor ze in gesprek blijven over de eigen prestatie en de gekregen feedback.

In het model van Carless en Boud (2018) wordt feedbackgeletterdheid uitgewerkt in vier kenmerken: waarderen van feedback, oordelen (over eigen werk en de feedback), emoties reguleren, en overgaan tot actie (zie figuur 1).

Appreciating feedback
Het kunnen waarderen van feedback kan worden onderverdeeld in twee aspecten: het waarderen van feedback over leren en van feedback om te leren. Met andere woorden, een student kan feedback waarderen omdat dit inzicht geeft in of bevestiging geeft van wat hij of zij tot dan toe heeft bereikt, maar een student kan feedback ook waarderen omdat het handvatten biedt om nieuwe stappen te zetten in de ontwikkeling. Hoe dan ook, het gebruik van feedback begint met erkenning van de student dat feedbackinformatie bruikbaar is. De student laten reflecteren op feedback, voordat je de daadwerkelijke beoordeling geeft, kan de waardering voor feedback vergroten (Jackson & Marks, 2016).

Making judgments
Om feedback op waarde te kunnen schatten en om vervolgacties op te maken uit de feedback, moet de student in staat zijn om zelf een oordeel te kunnen vormen over het eigen werk. Het participeren in peer feedback kan bijdragen aan het ontwikkelen van deze vaardigheid. Hierbij is het wel van belang dat er ook aandacht is voor de oordeelsvorming en het kennen en toepassen van de beoordelingscriteria (Leenknecht & Prins, 2018).

Managing affect
Zoals we allemaal weten kan sommige feedback, hoe leerzaam en correct ook, soms even slikken zijn. Studenten moeten dus ook in staat zijn om hun emoties te reguleren. Vooral defensieve reacties zijn ongewenst, omdat de student zich dan niet openstelt voor nieuwe inzichten. Dit vraagt continue aandacht voor het focussen op ontwikkeling en niet op falen. Benadruk dat een student die feedback heeft gehad met veel verbeterpunten zich gelukkig mag prijzen, omdat hij of zij veel mogelijkheden aangereikt krijgt voor (persoonlijke en professionele) ontwikkeling.

Taking action
Het waarderen van feedback, kunnen oordelen over eigen werk en de feedback, en emoties reguleren zijn voorwaarden voor het kunnen overgaan tot actie. Hierbij is het van belang dat studenten een repertoire opbouwen van strategieën om feedback te verwerken (zoals ze ook strategieën hebben om bijvoorbeeld teksten te bestuderen). Het is dan ook niet gek om ook samen met studenten te bespreken hoe ze de feedback hebben opgepakt en hoe ze dat een andere keer eventueel anders of beter kunnen aanpakken.

Het model van Carless en Boud is simpel. Toch worstelen we nog allemaal met hoe we studenten feedback optimaal laten gebruiken, dus wellicht zijn het toch geen open deuren. In ieder geval kan de eenvoud van het model ook de kracht zijn, met als boodschap: feedbackgeletterdheid is heel simpel, iedereen kan het leren! Alleen, je moet het wel leren, want het gaat niet vanzelf.

Bronnen
Carless, D., & Boud, D. (2018). The development of student feedback literacy: enabling uptake of feedback. Assessment & Evaluation in Higher Education, 43, 1315-1325. doi: 10.1080/02602938.2018.1463354

Jackson, M., & Marks, L. (2016). Improving the effectiveness of feedback by use of assessed reflections and withholding of grades. Assessment & Evaluation in Higher Education, 41, 1-16. doi:10.1080/02602938.2015.1030588

Leenknecht, M. J. M., & Prins, F. J. (2018). Formative peer assessment in primary school: The effects of involving pupils in setting assessment criteria on their appraisal and feedback style. European Journal of Psychology of Education 33 (1), 101-116. doi:10.1007/s10212-017-0340-2

Sutton, P. (2012). Conceptualizing feedback literacy: Knowing, being, and acting. Innovations in Education and Teaching International, 49, 31-40. doi:10.1080/14703297.2012.647781

Figuur 1 is overgenomen uit het artikel The development of student feedback literacy: enabling uptake of feedback van David Carless en David Boud (2018).

2018-10-10T16:50:21+00:0011 oktober 2018||